Al-Balad
Vertaling: Leemhuis
Nee toch! Ik zweer bij deze stad! 90:1
Bij deze stad waarin jij woonachtig bent! 90:2
Bij een vader en wat hij verwekt heeft! 90:3
Wij hebben de mens toch in benardheid geschapen. 90:4
Denkt hij dan dat niet één iets tegen hem vermag? 90:5
Hij zegt: "Ik heb een aanzienlijk vermogen verbruikt." 90:6
Denkt hij dan dat niet één hem zag? 90:7
Hebben Wij voor hem niet twee ogen gemaakt 90:8
en een tong en twee lippen? 90:9
En hebben Wij hem niet de twee wegen gewezen? 90:10
Toch is hij de steile weg niet ingeslagen. 90:11
En hoe kom jij te weten wat de steile weg is? 90:12
Vrijlating van een slaaf 90:13
of voedsel geven op een dag van hongersnood 90:14
aan een wees uit de verwantschap 90:15
of aan een arme behoeftige. 90:16
En verder, dat hij behoort tot hen die geloven, die elkaar tot volharding aanmanen en die elkaar tot barmhartigheid aanmanen. 90:17
Dat zijn zij die aan de rechterkant staan. 90:18
Maar zij die aan Onze tekenen geen geloof hechten, zij zijn het die aan de linkerkant staan, 90:19
zij worden door een vuur omsloten. 90:20