De Islam veroordeelt het terrorisme: Het ware gezicht van de terroristen die in naam van de religie handelen
Inhoud
- Voorwoord bij de nieuwe editie
- Inleiding
- De islamitische moraal: een bron van vrede en veiligheid
- Sharia, jihad en oorlog volgens de Koran
- De fout van het radicalisme en de waarheid
- Het ware gezicht van de terroristen die in naam van de religie handelen
- De islam heeft vrede en harmonie naar het Midden-Oosten gebracht
- De grondslag van het terrorisme: het darwinisme en het materialisme
- Conclusie: aanbevelingen aan de westerse wereld en moslims
- Bijlage: het bedrog van de evolutie
Al deze besproken voorbeelden laten zien dat het organiseren van terreuracties tegen onschuldige mensen volkomen indruist tegen de islam en dat geen enkele moslim, die de verzen van de Koran en de praktijken van de profeet Mohammed als zijn gids neemt, ooit zo’n misdaad zou kunnen begaan. Integendeel, moslims zijn ervoor verantwoordelijk om deze mensen te stoppen, het "onheil op aarde" te elimineren en de vrede en veiligheid voor de gehele mensheid te waarborgen. Het is niet mogelijk om te spreken over "christelijke terreur", "joodse terreur" of "islamitische terreur". Sterker nog, wanneer we de achtergronden van de daders, die ongeacht hun geloof zulke daden verrichten, nader onderzoeken blijkt dat het terrorisme in kwestie niet een religieus, maar een sociaal fenomeen is.
Kruisvaarders: barbaren die hun eigen religie hebben verloochend Zoals eerder aangegeven, de ware boodschap van een religie of een geloofsovertuiging kan soms door haar eigen pseudo-aanhangers vertekend worden. De kruisvaarders, wiens periode een donker tijdperk van de christelijke geschiedenis vertegenwoordigd, zijn een voorbeeld van een dergelijke vertekening.
De kruisvaarders waren Europese christenen die tegen het einde van de 11e eeuw begonnen met het ondernemen van militaire expedities om het Heilige Land (Palestina en omgeving) van de moslims terug te veroveren. Ze begonnen aan hun expeditie met een zogenaamd religieus doel, maar verwoestten toch elk stuk land dat ze betraden en verspreidden overal angst en verschrikking. Tijdens hun tocht voerden ze massa-executies uit onder de burgers en plunderden vele dorpen en steden. De verovering van Jeruzalem, waar moslims, joden en christenen in vrede leefden onder een islamitisch regime, werd het toneel van een immens bloedvergieten. Genadeloos vermoordden ze alle moslims en joden van die stad.
Zoals een historicus het verwoordde "Ze doodden alle Saracenen en Turken die ze tegenkwamen... man of vrouw."14 Eén van de kruisvaarders, Raymond van Aguilers, schepte op over dit geweld:
Er waren prachtige bezienswaardigheden te bewonderen. Sommige van onze mannen (en dit was de meest barmhartige) sneden de hoofden van hun vijanden af; anderen beschoten ze met pijlen, zodat ze uit de torens vielen; anderen martelden hen langer, door hen in de vlammen te werpen. Stapels hoofden, handen en voeten waren te zien in de straten van de stad. Het was nodig om je een weg te banen over de lichamen van mannen en paarden. Maar dit waren slechts kleine aangelegenheden in vergelijking met wat er in de tempel van Salomon gebeurde, een plaats waar normaal gesproken religieuze diensten werden gehouden... in de Tempel en op de veranda van Salomon reden mannen met het bloed tot aan hun knieën en teugels.15 In twee dagen tijd had het leger van de kruisvaarders ongeveer 40.000 moslims op de zojuist beschreven barbaarse manieren vermoordt.16 De barbaarsheid van de kruisvaarders was zo extreem dat ze tijdens de 4e Kruistocht, Constantinopel (het huidige Istanbul), een christelijke stad, plunderden en goud stalen uit de kerken. Natuurlijk ging deze barbaarsheid volkomen in tegen de essentie van het christendom. Het christendom, in de woorden van het evangelie, is een "boodschap van liefde". In het evangelie volgens Mattheus wordt er gezegd dat de profeet Jezus (vzmh) tegen zijn volgelingen het volgende zei: "Heb uw vijanden lief en bid voor degenen die u vervolgen." (Mattheus 5:44). In het evangelie volgens Lukas wordt er gezegd dat de profeet Jezus (vzmh) zei: "Degene, die u op de wang slaat, biedt u ook de andere aan" (Lukas 6:29). In geen enkel gedeelte van de evangeliën is er een verwijzing naar de rechtvaardiging van geweld; het vermoorden van onschuldige mensen is dus ondenkbaar. Men kan het concept "het vermoorden van onschuldigen" in de Bijbel vinden, maar alleen in de poging van Koning Herodes om de profeet Jezus (vzmh) te vermoorden toen hij een baby was.
Als het christendom een religie is dat gebaseerd is op liefde en dat geen geweld herbergt, hoe konden de christelijke kruisvaarders dan één van de meest gewelddadige gruwelheden uit de geschiedenis begaan hebben? De belangrijkste reden hiervoor is dat de kruisvaarders voornamelijk uit onwetende mensen bestonden. Deze massa, die bijna niets van hun eigen religie afwist, die waarschijnlijk nooit in hun leven de bijbel hadden gelezen of gezien en die zich voor het grootste deel helemaal niet bewust waren van de morele waarden van de Bijbel, waren met propaganda slogans verleid tot barbaarsheid, die deze brutaliteiten ten onrechte presenteerden als "Gods wil". Gebruikmakend van deze frauduleuze methode werden vele aangemoedigd om vreselijke daden te begaan, die strikt verboden waren door God. Het is vermeldenswaardig dat in die periode de Oosterse christenen - bijvoorbeeld de mensen uit Byzantium - die in cultureel opzicht ver van de Westerse christenen stonden, in grotere mate de humane waarden omarmden. Zowel voor als na de veroveringen van de kruisvaarders slaagden de orthodoxe christenen erin om met moslims samen te leven. Volgens Terry Jones, commentator bij de BBC, met de terugtrekking van de kruisvaarders uit het Midden-Oosten "begon het geciviliseerde leven opnieuw en de leden van de drie monotheïstische religies keerden terug naar een vreedzame coëxistentie."17 Het voorbeeld van de kruisvaarders wijst op een algemeen fenomeen; hoe meer onwetend of intellectueel onderontwikkeld de aanhangers van een ideologie zijn, hoe eerder ze neigen naar geweld. Dit geldt ook voor de ideologieën die niets met religie te maken hebben. Alle communistische bewegingen in de wereld neigen naar geweld. De meest barbaarse en bloeddorstigste van hen waren de Rode Khmer in Cambodja. Dit was zo omdat zij de meest onwetenden waren onder de communisten.
Onwetende mensen kunnen elk idee over geweld omhelzen tot het punt van waanzin, waardoor ze op dezelfde manier ook geweld kunnen tonen in de Goddelijke religies, die absoluut gekant zijn tegen geweld. Net als in de christelijke en joodse werelden, hebben ook voorbeelden hiervan plaatsgevonden in de islamitische wereld en vinden ze vandaag de dag nog steeds plaats.
Het christendom is een religie gebaseerd op liefde, maar de kruisvaarders voerden een van de meest gewelddadige handelingen in de geschiedenis uit.
Deze massa's wisten bijna niets over hun religie en hadden waarschijnlijk niet één keer in hun leven de Bijbel gelezen en werden geleid in barbarij onder de conditionering van leuzen die dit geweld ten onrechte presenteerden als "Gods wil".
Het is essentieel om te verwijzen naar het karakter van de bedoeïenen in de tijd van de Profeet (vzmh) om het ware gezicht van degenen die terreur plegen in de naam van de religie te zien.
Het bedoeïen karakter in de Koran In de periode van de Profeet Mohammed (vzmh) bestonden er twee fundamentele sociale structuren in Arabië: de stadsbewoners en de bedoeïenen (woestijn Arabieren). In de Arabische steden heerste een verfijnde cultuur. Handelsbetrekkingen verbonden deze steden met de externe wereld, wat bijgedragen heeft tot de vorming van goede manieren onder de Arabische stadsbewoners. Ze hadden verfijnde esthetische waarden en genoten van literatuur en in het bijzonder van de poëzie. Woestijn Arabieren aan de andere kant waren nomadenstammen die leefden in de woestijn en die een zeer ruwe cultuur hadden. Zich onbewust van kunst en literatuur, ontwikkelden de meesten van hen een ruw karakter. De islam was ontstaan en ontwikkeld onder de burgers van Mekka, de belangrijkste stad op het schiereiland. Toen de islam zich verspreidde naar de rest van het schiereiland, omarmden alle stammen in Arabië de islam. Onder deze stammen bevonden zich ook de woestijn Arabieren, die enigszins problematisch waren: hun zwakke intellectuele en culturele achtergrond was niet genoeg om de diepgang en de nobele geest van de islam te begrijpen. Hier zegt God het volgende over in een vers:
De bedoeïenen zijn het ergst in ongeloof en huichelarij en zijn het meest geneigd en geëigend om de bepalingen die God aan Zijn Boodschapper heeft gezonden niet te kennen. Maar God is Alwetend, Alwijs. (Koran, 9:97) Sommige woestijn Arabieren, die "het ergst in ongeloof en huichelarij" waren en neigden om geen gehoor te geven aan Gods geboden, werden in de tijd van de Profeet (vzmh) een deel van de islamitische gemeenschap. Maar in latere perioden, als gevolg van verkeerde interpretaties en opvattingen, werden sommigen onverenigbaar met de morele waarden van de islam. De sekte 'Kharijites' genaamd, die onder de bedoeïenen werd opgericht, was hiervan een voorbeeld. Het voornaamste kenmerk van deze perverse sekte was hun wilde en fanatieke aard (hun aanhangers werden "Kharijites" letterlijk "zij die verlaten" genoemd, omdat ze sterk afweken van de soennitische gebruiken). De 'Kharijites' die weinig begrip hadden van de essentie van de islam of van de deugden en waarden van de Koran, voerden oorlog tegen alle andere moslims en rechtvaardigden deze oorlog met sommige verzen uit de Koran, waarover zij verkeerde interpretaties maakten. Ze voerden ook 'terreuracties' uit. Hazrad Ali (ra), die één van de naaste vertrouwelingen van de Profeet (vzmh) was en die omschreven werd als de "poort tot de kennis" werd vermoord door een Kharijite. Met andere woorden, net zoals de kruisvaarders het christendom verdraaiden en verkeerd interpreteerden, legden sommige perverse groepen, die in de islamitische wereld opdoken, de islam verkeerd uit en namen hun toevlucht tot wreedheid. Wat de religieuze sekten en de kruisvaarders gemeen hadden was hun onwetendheid, hun ongeraffineerde en onontgonnen natuur en het ontbreken van het ware begrip over hun religie. De gewelddadigheden die ze begingen waren eerder het gevolg van dit onbegrip, dan van de leer van de religie, die ze onterecht vertegenwoordigden. Ze wisten niet eens dat de fundamentele oorzaken van hun religie en werkwijze berustte op het bijgeloof dat ze hadden uitgevonden. Bedoeïenen waren ten tijde van de profeet Mohammed (vzmh) nomadische stammen uit de woestijn. Vanwege de barre omstandigheden waarin ze leefden, hadden ze een harde en ruwe cultuur.
Het zou helemaal verkeerd zijn om te denken dat het bedoeïen karakter beperkt was tot die tijd en nu niet meer bestaat. De aanwezigheid van mensen met hetzelfde gedrag vandaag de dag is opmerkelijk. Deze mensen, die afgezien van zichzelf of de groep waartoe zij behoren niemand mogen en zelfs proberen om geweld tegen degenen die hun geloof niet delen te laten zien als een religieuze verplichting, hebben talrijke gebreken en missen de logica over hun eigen geloof. Mensen aanklagen als ongelovigen en een verkeerde interpretatie van vergelding in natura zijn voorbeelden hiervan. De valse beweegredenen van degenen die bloed vergieten in de naam van de islam In de islamitische wereld beschuldigen sommige moslims, die in dezelfde God geloven en de profeet Mohammed (vzmh) accepteren als Zijn boodschapper en de Koran zien als het ware Boek, elkaar van afvalligheid en ongeloof en doden elkaar. De massamoorden op de sjiieten en de vernietiging van sjiitische moskeeën die onlangs plaatsvonden hebben de aandacht gevestigd op een radicale afwijking in de islamitische wereld. De aanvallen van sommige sjiitische groeperingen tegen soennieten in sommige regio's, zoals Irak, hebben ook bijgedragen aan dit plaatje. Deze bloedige mentaliteit is echter niet beperkt tot deze radicale organisaties, noch is het een nieuwe kwaal.
Wat verantwoordelijk is voor de dood van moslims in Egypte, alleen maar omdat ze sjiieten zijn of diegenen die vermoord zijn en door de straten in Irak werden gesleept alleen maar omdat ze soennieten zijn, zijn de uitspraken of fatwa’s uitgesproken door een aantal zogenaamde geleerden die beweren te spreken in de naam van de islam. Deze zogenaamde geleerden spreken in hun moskeeën of op Tv-zenders en slepen met hun fatwa’s meestal onwetende mensen mee in zulke brutaliteit. In het Midden-Oosten wordt dit gebrekkige concept van religie, dat gebaseerd is op bijgeloof, gezien in de felle strijd tussen sjiitische en soennitische groepen binnen hetzelfde land. Ondertussen zijn ze ook te zien in sektarische oorlogen tussen landen die worden gevoerd door middel van gevolmachtigde groeperingen en organisaties. Natuurlijk is het geweld van deze groeperingen verkeerd, maar die fout kan niet worden gecorrigeerd zonder een terugkeer naar de Koran, de essentie van het geloof. Het neerzetten van mensen als ongelovigen Deze meedogenloze geest van tweedracht ziet het vergieten van het bloed van onschuldigen als een "daad van aanbidding" en ontkent het recht op leven voor degenen die zich niet houden aan hun eigen begrip van het geloof en dit veroorzaakt de verspreiding van opruiing en onophoudelijk bloedvergieten in Aanval op een moskee in Jemen Het bloedbad bij Camp Speicher, waarbij wel 1.700 sjiitische kadetten van de Iraakse luchtmacht werden gedood Koeweit (het bombardement op de Imam Ja'far as-Sadiq moskee)
islamitische landen. Een van de problemen aan de basis van deze afwijkende ideologie is 'takfir':
'Takfir' betekent het beschuldigen van een persoon (of groep) als een ongelovige (kafir), die zichzelf gescheiden heeft van het geloof van de islam. Wanneer de groepen aangeduid als 'takfiri' een uitspraak doen over een persoon of een groep, verklaren zo ook dat het verplicht is voor deze mensen om gedood te worden in overeenstemming met hun onverdraagzame niet-islamitisch begrip, dat gebaseerd is op bijgeloof. Maar in de Koran geeft God geen mens het recht om iemand zijn aanhankelijkheid aan de islam te weigeren of niet te accepteren. Aan de andere kant is het aan God te beslissen over de straf wanneer een persoon zich schuldig maakt aan goddeloosheid na gelovig te zijn geweest.
En waarover jullie ook mogen verschillen, de beslissing ervan rust bij God…
...Het oordeel is slechts aan God. Hij beveelt dat jullie niets aanbidden behalve Hem:
dat is de juiste en ware godsdienst, maar de meeste mensen weten het niet.
Tegenwoordig verklaren sommige soennitische groepen sjiieten als ongelovigen terwijl de sjiieten de soennieten als ongelovigen verklaren. We zien dat ze niet samen bidden. De grondgedachte van takfir, die in de religie van de islam is binnengedrongen, heeft echter geen plaats in de Koran.
Vandaag de dag verklaren sommige soennitische groepen de sjiieten als ongelovigen terwijl de sjiieten de soennieten als ongelovigen verklaren. We zien dat ze elkaars naam noemen met haat, dat ze niet samen bidden en in veel regio's doden zij elkaar in een felle strijd. De grondgedachte van takfir, die in de religie van de islam is binnengedrongen, heeft geen plaats in de Koran; deze opruiing is gebaseerd op een zogenaamde hadith die bekend is als de 'al-Firqat al-Najiyah' (de bevrijdde stroming) en toegeschreven is aan de Profeet (vzmh). Het meest genoemde deel van deze gefabriceerde hadith – een die deel uitmaakt van verschillende verhalen, maar geen fundament heeft in de verzen van de Koran – is als volgt:
"Mijn volk zal zich opsplitsen in drieënzeventig groeperingen, deze zullen allemaal het vuur betreden op één na: hetgeen welke ik en mijn metgezellen bewandelen"
Deze redenering vind je terug in verschillende verhalen met diverse toevoegingen of weglatingen. In at-Tirmidhi bijvoorbeeld is er geen vermelding van "deze zullen allemaal het vuur betreden op één na". In Hakim, wordt deze hadith heel kort verteld door te zeggen "Mijn volk zal worden opgesplitst in zeventig groeperingen; de grootste zal handelen uit eigen beweging en zal wat wettig is onwettig maken en dat wat onwettig is wettig maken." (Al-Mustadrak, 4/430)
De desintegratie en fragmentatie die we in de islamitische wereld zien is het resultaat van een denkwijze die de Koran niet voldoende vindt en pogingen doet om een andere vorm van de islam tot stand te brengen door middel van bijgeloof, kwezelarij en verzonnen hadiths en tradities. In plaats van het volgen van het voorbeeld van de moslims in de tijd van onze Profeet (vzmh), maken onverdraagzame en fanatieke groeperingen hun eigen verzinsels van wat wettig en onwettig is en geloven alleen in hun eigen veronderstellingen. Zij verklaren andere moslims die de islam op een andere manier in de praktijk brengen als afvalligen. God heeft echter de gronden voor een dergelijke gedachtegang heel duidelijk in de Koran uitgesloten:
Jullie die geloven! Wanneer jullie je op de weg van God rondtrekken, onderzoek dan (nauwkeurig) en zeg niet tot degene die jullie als een moslim begroet:
"Jij bent geen gelovige" simpelweg uit verlangen naar de zaken van het wereldse leven. Bij God is er buit in overvloed. Jullie waren voorheen ook in deze toestand (van de ongelovigen), maar God heeft jullie een gunst bewezen…
In de hadiths zien we dat de Profeet (vzmh) moslims weerhield om anderen te beschuldigen van ongeloof:
...hij die iemand als ongelovige heeft bestempeld of hem de vijand van God heeft genoemd, en degene in werkelijkheid niet zo is, zal hetgeen wat hij heeft gezegd naar hem terugkeren. (Sahih Muslim, Boek 1, Hadith 118)
…Het vervloeken van een gelovige is hetzelfde als hem vermoorden, en wie een gelovige van ongeloof beschuldigd, is alsof hij hem heeft vermoord. (Sahih Bukhari, Boek 73, Hadith 126)
Wie zoals ons bidt en zijn gezicht naar onze Qibla richt en onze geslachte dieren eet, is een moslim en valt onder de bescherming van God en Zijn apostels.
Dus verraadt God niet door het verraden van hen die onder Zijn bescherming vallen. (Sahih Bukhari, Boek 8, Hadith 386)
Ieder persoon die zijn broeder noemt: O ongelovige, heeft in feite een handeling gepleegd waardoor dit ongeloof naar hem terugkeert. Als dat wat hij beweerde waar is, dan is het ongeloof van degene bevestigd, maar als het niet waar is, dan zal het naar hem terugkeren. (Sahih Muslim, Boekk 1, Hadith 117)
Wanneer iemand zijn broeder een ongelovige noemt, zal het naar hem terugkaatsen. (Sahih Muslim, Book 1, Hadith 116)
In de tijd van onze Profeet (vzmh) waren er huichelaars die in hun hart geen geloof hadden en devianten waren. God heeft ons in vele verzen in de Koran laten weten dat er mensen waren die niet tevreden waren met het oordeel van de Profeet Mohammed (vzmh), die afwijkingen in hun gedrag en moraal lieten zien en waarvan sommige zelfs heimelijk ongelovig waren. Onze Profeet (vzmh) streefde na om de religie te communiceren en bleef zich inspannen om het geloof van iedereen, zonder uitzondering, te versterken. De Profeet heeft nooit iemand beschuldigd van ongeloof. Het is niet mogelijk voor een dienaar van God om over het geloof van een persoon te oordelen of hem op basis hiervan te straffen.
God informeert ons dat als moslims onderling verschillen of een geschil hebben, het een fout is die in het hiernamaals verantwoord moet worden:
Zij die hun godsdienst opsplitsen en tot sekten zijn geworden, met hen heb jij niets gemeen. Hun zaak rust slechts bij God; Hij zal hun dan berichten over wat zij deden.
In de Koran worden we geïnformeerd dat moslims zich moeten verenigen en dat zij als broeders moeten leven, dat ze niet moeten scheiden en dat ze vrienden moeten zijn, alsof zij een hecht samengevoegd gebouw zijn en geen ruzie moeten maken:
Gehoorzaam God en Zijn Boodschapper en twist niet onderling, waardoor jullie ontmoedigd raken en jullie kracht verdwijnt. En wees geduldig:
God is met de geduldige.
Wees niet als degenen die zich (onderling) verdelen en redetwisten nadat de duidelijke tekenen tot hen waren gekomen. Zij zijn degenen voor wie er een grote bestraffing is.
In plaats van bij te dragen aan de eenheid van de moslims zorgen degenen die uitspraken doen over afscheiding en haat of die fatwa’s geven waarbij ze anderen ongelovig verklaren ervoor dat moslims worden aangezet tot geweld en bloedvergieten. Degenen die een zogenaamde jihad voeren tegen hun medemoslims op basis van de uitspraken van hun sekteleiders begaan een ernstige fout en zullen niet in staat zijn om dit te kunnen verantwoorden in het hiernamaals. God beveelt het stichten van vrede tussen moslims met de volgende vers:
De gelovigen zijn elkaars broeders, sticht daarom vrede tussen jullie broeders. En vrees God opdat jullie barmhartigheid moge worden betoond. (Koran, 49:10) Misinterpretatie van Qisas (vergelding in natura)
De geboden in de Koran zijn bedoeld om de willekeurige straffen als gevolg van persoonlijke wraak en wrok, wat veelvuldig voorkwam in de Arabische samenleving ten tijde van de profeet Mohammed (vzmh), te elimineren. Het principe van afschrikking heerst door de hele Koran en is ook zichtbaar in het gebod over 'qisas' en beschermt levens door het voorkomen en elimineren van criminaliteit:
O gelovigen, vergelding in het geval van moord is aan jullie voorgeschreven; de vrije man voor de vrije man, de slaaf voor de slaaf en de vrouw voor de vrouw. Maar wie kwijtschelding krijgt van zijn broeder, compenseer het (de daad van kwijtschelding) voor hem door een gedefinieerde betaling (bloedgeld), die gedaan moet worden met juistheid en met een goede wil. Dit is een gemoedsrust en barmhartigheid van jullie Heer. En voor degenen die de grenzen overtreden (de moordenaar daarna toch doden) is er een pijnlijke bestraffing.
Het opmerkelijke punt in dit vers heeft betrekking op de vergelding in natura in die zin dat het vergeving en genade stimuleert en zegt dat dit een betere vorm van gedrag is. In deze betekenis is er in vergelding, het behoud en de bescherming van leven.
Er zijn echter een aantal vereisten aan de vergeldingsmogelijkheden en over de wijze van toepassing - en door wie en aan wie het toegepast moet worden. In de Koran legt God uit dat de mensen die recht hebben op vergelding de "nabestaanden" zijn:
doodt niemand - wat God verboden heeft - behalve volgens het recht. En als iemand ten onrechte is gedood dan hebben Wij zijn erfgenaam de machtiging gegeven; Maar overdrijf niet in het doden…
In aanvulling hierop, zoals uitgelegd in de Koran 2/178, hebben de genoemde nabestaanden de optie om af te zien van vergelding en om compensatie te vragen, ten gunste van vergeving. In een ander vers legt God uit dat vergevingsgezindheid de voorkeur heeft:
De vergelding van het kwade is het daaraan gelijke; maar wie vergeeft en verbetering voor ogen houdt, zijn loon rust bij God. Voorzeker, Hij houdt niet van de onrechtvaardigen. (Koran, 42:40) Zoals duidelijk in de verzen van de Koran beschreven staat, is de beste manier van handelen vergevingsgezind te zijn. Er wordt uitgelegd dat dit een gedrag is waar God zelfs vóór de islam de voorkeur aan geeft:
En Wij hebben daarin (de Thora) voor hen voorgeschreven: een ziel voor een ziel, een oog voor een oog, een neus voor een neus, een oor voor een oor, een tand voor een tand, en vergelding voor wonden. Maar wie het kwijtscheldt (als een daad van goede wil): voor hem zal het dienen als boetedoening (voor zijn zonden). En wie niet oordeelt met wat God neergezonden heeft: zij zijn het die de onrechtvaardigen zijn. (Koran, 5:45) In de ogen van de Koran is het verkeerd om kwaad met kwaad te bestrijden Wanneer de leiders van de terroristische organisaties, die de religie van de islam misbruiken of de geestelijken die trachten hen te legitimeren, wordt gevraagd waarom ze fatwa's geven die bloedbaden en zelfmoordaanslagen toestaan, zullen ze zeggen dat het als vergelding is voor de aanvallen op moslims. Het is waar dat in verschillende delen van de wereld moslims worden afgeslacht, onrecht wordt aangedaan, worden onderdrukt en oneerlijk worden behandeld, maar niettemin verbiedt God met tirannie te reageren op tirannie. De manier waarop vergeving wordt aanbevolen in de geboden met betrekking tot vergelding in natura is een weerspiegeling van dit feit.
In de ogen van de islam is schuld persoonlijk en mag vergelding in natura niet worden toegepast op willekeurige wraakgevoelens God verbiedt slechtheid in de Koran. Bovendien stelt de islam het principe van de "individualiteit van criminaliteit". Het bombarderen van mensen en hen aanvallen, ongeacht het onschuldige burgers, kinderen, vrouwen of ouderen zijn, is niets anders dan pure moord. Ook het doden van mensen vanwege hun nationaliteit, geloof of sekte of het nemen van wraak op basis van dergelijke redenen is volledig tegen de islam. De basis van de wet van oorlog in de islam is altijd gericht op vrede, het sluiten van compromissen en vergeving. Het doel is steeds te zorgen voor de handhaving van het leven van jezelf en dat van anderen. Om deze redenen staat God het principe van "vergelding" alleen toe als afschrikmiddel tegen het opzettelijk doden en alleen onder bepaalde voorwaarden en met de beperking dat vergeving moet worden verkozen en dat het niet kan worden toegepast tegen personen of samenlevingen op basis van persoonlijke wraakgedachten. De geboden in de Koran zijn volkomen duidelijk, maar het bestaan van mensen die proberen om terreur te plegen in de naam van de religie maakt het van essentieel belang om de psychologie van de terreur te onderzoeken: Terroristische methoden en een aangetaste psychologie Het concept van terreur heeft in de hedendaagse taal een bredere betekenis. Over het algemeen heeft het betrekking op het plegen van gewapende aanslagen door radicale ideologische groeperingen. Terreur betekent letterlijk intimidatie. Maar deze intimidatie omvat een breed veld dat de gehele existentie van mensen inhoudt, die het intense gevaar van angst en geweld voelen. Terreur omvat intense en systematische intimidatie en is erop gericht om mensen aan te zetten tot een bepaalde manier van denken en gedrag, waarbij alle vormen van geweld worden toegepast om deze intimidatie te veroorzaken en te handhaven. Maar in elke situatie is het doelwit van het terrorisme, direct of indirect, de bevolking zelf.
Terroristische organisaties oefenen terreurdaden uit om steun te krijgen. De intimidatie die ze gebruiken is erop gericht om hun kracht te vergroten en zo steun te vergaren van sommige of van alle burgers.
Het eerste waaraan men denkt wanneer we het woord "terreur" noemen is over het algemeen de soort van terreur die bekend staat als ‘linkse terreur’. Maar er is ook een andere soort terreur, die hoofdzakelijk in derdewereldlanden plaatsvindt en door dictatoriale regimes wordt uitgevoerd. Eigenlijk is de realiteit hier niet anders dan een massale toepassing van linkse terreur tactieken. Een dictator of een onderdrukkende groep die aan de macht is gebruikt Voor terroristen is het doden van mensen, het veroorzaken van vernietiging en verwoesting de enige manier van leven. Voor hen is bloedvergieten een bewuste daad. Ze kunnen zonder enig gevoel van mededogen op onschuldigen schieten, een bom op kinderen gooien of een huis opblazen.
zijn macht alleen voor zijn eigen voordeel en om deze reden ervaren zij verschillende soorten van sociale weerstand. In deze situatie hanteert het dictatoriale regime altijd dezelfde formule om te laten zien dat het sterker is dan de oppositie; het oefent terreur uit zodat de bevolking angst heeft en gebruikt deze angst om de macht te vestigen en te handhaven.
Aan de andere kant beweren terreurorganisaties, in overeenstemming met de ideologieën die ze aanhangen, dat het hun doel is om een regering en haar bestuurders die zij beschouwen als illegitiem en wreed af te zetten. En door dit te doen, denken ze hun doel te bereiken om een gelukkigere en rechtvaardigere manier van leven te creëren. Dit is echter geen realistische claim. In de Koran geeft God in de eerste verzen van Soera al-Baqara een bevel aan degenen die op deze manier denken: En wanneer hen verteld wordt: "Veroorzaak geen corruptie op aarde", zeggen zij: "Wij scheppen slechts orde." Behoedt u, zij zijn degenen die verderf zaaien, maar zij beseffen het niet. (koran, 2:11- 12)
Voor terroristen is het vermoorden van mensen een manier van leven. Ze kunnen onschuldige mensen zonder genade neerschieten en bommen werpen op kinderen. Bloedvergieten is voor hen een plezier. Ze zijn ermee opgehouden om mens te zijn en zijn veranderd in dwaze wilde beesten. Als er onder hen iemand is die enig mededogen vertoont, beschouwen ze hem als een lafaard en verrader en zal hij buitenspel worden gezet. Ze gebruiken vaak hun wapens tegen elkaar en voeren bloedige zuiveringen tegen interne splintergroeperingen binnen hun eigen organisatie. Het is duidelijk dat terrorisme niks anders is dan een totale duivelse bron van bloedvergieten. Degenen die deze cyclus van wreedheid steunen, verdedigen een satanisch systeem. Als een terrorist religieuze taal en symbolen gebruikt, mag dit niemand misleiden. Terroristen die zich laf onder de dekmantel van religie verbergen zijn dubbel schuldig, voor zowel het bloed dat ze hebben vergoten als voor de antireligieuze propaganda die ze hebben verspreid door het plegen van terreurdaden in naam van de religie.
Terreur en religie zijn volkomen tegengesteld aan elkaar. Het terrorisme adapteert de manier van agressie, moord, conflict, gruwel en ellende. Maar volgens de Koran zijn dit allen vormen van onderdrukking. God beveelt vrede, harmonie, welwillendheid en compromissen. Hij verbiedt terreur en elke daad die niet de vrede bevordert en veroordeelt degenen die zulke daden plegen:
Maar voor hen die het verbond met God na de bekrachtiging ervan schenden en die scheiden wat God bevolen heeft te verenigen en die verderf zaaien op de aarde: zij zijn degenen voor wie er de vervloeking en de slechte verblijfplaats is. (Koran, 13:25) De basiskwaliteit die terreur en degenen die besmet zijn door zijn wreedheid gemeen hebben, is dat de angst en de liefde voor God iets is wat volkomen vreemd voor hen is. Hun harten zijn verhard en ze zijn in spiritueel opzicht ziek.
Een terrorist is iemand zonder medelijden, wiens enige doel is om te vernietigen De oprichter van het Russische anarchisme, Michael Bakoenin en zijn leerling Netchayev, omschrijven een 'ideale' terrorist op de navolgende manier:
Het hele werk van een revolutionair bestaat niet alleen uit woorden maar ook uit daden en is in oorlog met de bestaande orde van de samenleving en met de hele zogenaamde beschaafde wereld, met zijn wetten, zeden en gewoonten is hij een compromisloze tegenstander... Hij kent slechts één wetenschap; de wetenschap van de vernietiging.18 Zoals men kan begrijpen uit deze woorden van Bakoenin en Netchayev, zijn terroristen mensen die hun relatie met alle materiële en geestelijke instellingen verbreken en daarbij elke morele waarde afwijzen en die deze instellingen zien als belemmeringen voor hun plannen. Bakoenin zei ook: "Dag en nacht heeft hij [een revolutionair] maar één gedachte, één doel: de genadeloze vernietiging; terwijl hij koelbloedig en zonder rust dat doel volgt, moet hij op elk moment klaar zijn om te sterven en om iedereen die zijn doelen dwarsboomt met zijn eigen handen te doden." In Bakoenin's Ground-Work for the Social Revolution (Grondslag voor de sociale revolutie) wordt een beschrijving gegeven van wat voor soort persoon een terrorist moet zijn: Hij moet streng zijn voor zichzelf maar ook voor anderen. Alle zwakke sentimenten met betrekking tot relatie, vriendschap, liefde en dankbaarheid moeten onderdrukt worden door de enige koude passie van het revolutionaire werk.19 Deze woorden leggen het donkere gezicht van het terrorisme bloot en laten zien dat het volledig in tegenstelling is met de religie van de islam, die gebaseerd is op vrede, medeleven en liefde.
Terroristen zien hun destructieve acties als een middel van propaganda; ze hopen om angst te verspreiden door het vernietigen van mensen en goederen.
De islam veroordeelt alle daden van terreur en geweld en dus ook de Boston aanval De afschuwelijke terroristische aanval in de Verenigde Staten op de marathon van Boston in 2013 werd veroordeeld door alle ware moslims, net als 9/11 en alle andere terreuraanslagen.
Deze terroristische daad, waarbij drie mensen om het leven kwamen en honderden mensen gewond raakten, was een barbaarse daad van misplaatste dwaasheid ontworpen om de westerse en islamitische wereld tegen elkaar op te zetten. Dergelijke meedogenloze daden zijn vele malen gebruikt in verschillende landen om te proberen om het Westen de indruk te geven dat de islam een geloof is dat geweld en terreur als legitiem beschouwt. Deze handelingen zijn in niet geringe mate succesvol geweest. In feite zijn er naar aanleiding van de Boston aanval een aantal verklaringen gegeven door een aantal mediaorganisaties in de Verenigde Staten om het geweld tegen moslims en hun isolatie van de samenleving aan te moedigen. Er zijn altijd zulke provocaties geweest en ze zullen ook altijd blijven bestaan. De moslims hebben echter een zeer belangrijke taak te midden van deze instelling: zichzelf niet te beperken tot het veroordelen van de terreuraanslagen maar te praten over de echte islamitische moraal tegenover de gehele mensheid.
Wie beweert een moslim te zijn en zegt dat in het geloof daden van terreur en geweld wordt bepleit is ofwel een provocateur In de morele leer van de Koran is het doden van een onschuldig persoon een daad van grote wreedheid. God verbiedt terroristische daden en veroordeelt degenen die ze begaan.
of iemand die geheel onwetend is als het gaat om het geloof.
Iemand die zulke dingen zegt uit onwetendheid zal zijn leven beteren als hem verteld wordt wat de Koran werkelijk zegt.
Mensen kunnen alleen goed worden geïnformeerd over de islam als er geen geloofwaardigheid wordt gehecht aan provocaties. Als iedereen weet dat de islam geweld en haat als onaanvaardbaar beschouwt, zullen er geen problemen meer zijn om over provocateurs en extremisten woedend te worden.
Er zijn mensen in de christelijke en joodse wereld die proberen om vijandigheid te creëren tegenover de islam en er zijn ook mensen in de islamitische wereld die aanzetten tot vijandigheid jegens het christendom en het jodendom. Deze mensen zijn onverdraagzame fanatici die provocerende uitspraken doen die niet gebaseerd zijn op de Koran, maar op hadiths die zij zelf fabriceren. Dit is in de islamitische wereld een zeer ernstig en een zeer reëel probleem en we kunnen dat niet zomaar negeren. Alle ware moslims voelen zich zeer ongemakkelijk dat zulke mensen worden beschouwd als leden van de islamitische wereld en als vertegenwoordigers van het geloof, omdat deze mensen niets te maken hebben met de waarden die worden aangehangen door de islam. Zij hebben zich verstoken van fijne gevoelens zoals liefde, genegenheid en mededogen. Ze zijn gevuld met haat en woede, voor niet alleen de leden van andere religies, maar ook voor de meeste moslims uit verschillende groeperingen. Ze kunnen iemand die ze nog nooit hebben ontmoet haten, puur omdat hij tot een andere groep behoort. Dit is een pervers en onaanvaardbaar denkbeeld voor moslims.
Leden van verschillende godsdiensten en/of etnische groepen uit elkaar laten vallen en het aanzetten tot conflicten tussen hen is een techniek die met succes is gebruikt door diegenen die de oorlog in de loop van de geschiedenis hebben willen verspreiden. Maar deze wereld is groot en vruchtbaar genoeg om iedereen in geluk, vrede en welzijn te laten leven. Er is geen echte reden voor conflicten of om toevlucht te nemen tot geweld. Alle vermeende redenen voor oorlog en conflict zijn loze listen.
Het is veel, veel makkelijker om in vrede en liefde te leven dan in conflict en oorlog. Het is bijvoorbeeld onaanvaardbaar dat zowel de Palestijnen als de Israëliërs achter muren leven in angst voor bommen, raketten en andere wapens. Deze benarde toestand van deze twee volkeren, de een afstammeling van de profeet Ismaël en de andere van de Profeet Jacob (vrede zij met hen beiden), is een schande voor de hele mensheid. Onze hoop is dat mensen met radicale opvattingen uiteindelijk zullen verdwijnen binnen de gematigde, liefdevolle en respectvolle opvattingen van rationele mensen, maar om dat te laten gebeuren is het absoluut essentieel voor de verstandige mensen in de islamitische, christelijke en joodse werelden om op te treden als één in een geest van solidariteit. Een alliantie van goede mensen is essentieel. Deze alliantie moet niet alleen tussen moslims, maar ook met de mensen van het Boek worden gevormd. Anders kunnen noch terreur, noch gewelddaden ooit volledig overwonnen worden.
God roept naar het Huis van Vrede en leidt wie Hij wil naar een rechte pad.
HET PERSPECTIEF VAN DE ISLAM TEGENOVER DE MENSEN VAN HET BOEK Een ander belangrijk onderwerp dat op de agenda over de daden van terrorisme tegen de Verenigde Staten heeft gestaan, is de relatie tussen de westerse en de islamitische wereld. Zoals bekend is, werd in de jaren 90 door een aantal intellectuelen ten onrechte gesuggereerd dat er in de nabije toekomst een strijd zou plaatsvinden tussen het Westen en de islamitische wereld. Dit is het grondthema van Samuel Huntingtons bekende thesis "de Botsende Beschavingen". Dit proefschrift - ook wel door Edward W. Said "Botsende onwetendheid" genoemd - berust op een denkbeeldig scenario dat ontstaan is door de overdrijving van de invloed van sommige radicale en onwetende fracties die te vinden zijn in deze twee beschavingen. Huntingtons idee van 'botsende beschavingen' is een theorie zonder enige wetenschappelijke, intellectuele of gewetensvolle basis. Verschillende beschavingen hebben altijd bestaan in verschillende delen van de wereld door de hele geschiedenis heen en deze beschavingen hadden op sociaal en cultureel niveau interactie met elkaar en namen deel aan een 'uitwisseling van beschavingen.' Elk ras, elke natie, elke samenleving heeft een andere beschaving en elke beschaving heeft zijn unieke kwaliteiten en mensen krijgen, in lijn met de principes van wederzijds begrip en verzoening, iets mee van alle beschavingen.
Dit idee van conflict werd in de recente geschiedenis getest door middel van het communisme, dat uitmondde in de bloedigste verliezen van de 20e eeuw. Wat de wereld echter op dit moment nodig heeft is geen oorlog, maar totale rust.
Overigens kan een beleid dat voorkeur geeft aan strijd nooit iedereen ten goede komen. Bovendien kan er geen conflict zijn tussen de westerse beschaving en de islamitische beschaving, omdat de overtuigingen van het jodendom en het christendom, de principes waarop de westerse beschaving is gebaseerd, in perfecte harmonie zijn met de islam. In de Koran worden de joden en christenen "Mensen van het Boek"
genoemd. De reden hiervoor is dat de aanhangers van deze twee religies zich houden aan de Goddelijke boeken die geopenbaard zijn door God. De houding van de islam tegenover de mensen van het Boek is uiterst rechtvaardig en medelevend.
Deze houding tegenover de mensen van het Boek ontwikkelde zich volgens de principes van de Koran tijdens het ontstaan van de islam. In die tijd waren moslims een minderheid die worstelden om hun geloof te beschermen en daarbij allerlei vormen van onderdrukking en martelingen van heidenen in de stad Mekka moesten ondergaan. Als gevolg van deze vervolgingen besloten sommige moslims uit Mekka te vluchten en toevlucht te zoeken in een veilig land met een rechtvaardige heerser. De Profeet Mohammed (vzmh) vertelde hen om hun toevlucht te zoeken bij de christelijke koning van Ethiopië. De moslims die naar Ethiopië vluchtten kwamen een zeer vriendelijke regering tegen die hen met liefde en respect verwelkomde. De koning weigerde de eisen van de heidense boodschappers in te willigen, die naar Ethiopië waren afgereisd met het verzoek om de moslims uit te leveren, en verklaarde dat de moslims in zijn land vrij konden leven:
… Je zult merken dat zij die het meest aanhankelijk zijn tegenover hen die geloven, degenen zijn, die zeggen:
"Wij zijn christenen". Dat komt omdat er onder hen priesters en monniken zijn en omdat zij niet hoogmoedig zijn.
Gemeenschappelijke overtuigingen en waarden gedeeld door moslims en de mensen van het Boek Het christelijke en het islamitische geloof hebben veel aspecten met elkaar gemeen. Ook het jodendom deelt veel overtuigingen met de islam. In de Koran vertelt God dat moslims hetzelfde geloof delen met de mensen van het Boek en dat ze tegen hen zeggen
"Wij geloven in wat aan ons is neergezonden en wat aan jullie was neergezonden; onze God en jullie God is één, en wij onderwerpen ons aan Hem."
Wanneer moslims, christenen en joden zich verenigen rond een gemeenschappelijk woord en als ze begrijpen dat ze vrienden en geen vijanden zijn, zal de wereld een heel andere, prachtige plek zijn.
Alle ware aanhangers van deze drie grote religies geloven het volgende: ● Dat God vanuit niets het hele universum heeft geschapen en dat Hij alles wat er bestaat beheerst met Zijn almacht.
● Dat God de mens en alle levende wezens op een wonderbaarlijke wijze heeft geschapen en dat de mens een ziel bezit die door God aan hem is toegekend.
● In de opstanding, in de hemel, hel en engelen en dat God ons leven heeft gecreëerd met een bepaalde lotsbestemming.
● Dat God vele profeten zoals de profeet Noah (vzmh), de profeet Abraham (vzmh), de Profeet Isaac (vzmh), de profeet Joseph (vzmh) en de profeet Mozes (vzmh) door de geschiedenis heen stuurde, en ze houden allen van al deze profeten.
In een vers, dat moslims geen onderscheid tussen de profeten maken, is als volgt aangegeven:
De Boodschapper gelooft in wat aan hem van zijn Heer is geopenbaard en de gelovigen ook. Allen geloven in God, in Zijn Engelen, in Zijn Boeken en in Zijn Boodschappers. Zij zeiden: "Wij maken geen onderscheid tussen Zijn Boodschappers. Wij hebben gehoord en wij gehoorzamen. Vergeef ons, onze Heer. Tot U is onze terugkeer." (Koran, 2:285) Het geloof van de mensen van het Boek is in harmonie met de moslims, niet alleen in termen van geloofsgerelateerde onderwerpen, maar ook als het gaat om morele waarden. In een wereld waar dergelijke immorele waarden zoals overspel, drugsverslaving, egoïsme en zelfverheerlijking wijd verspreid zijn, delen de moslims en de mensen van het Boek dezelfde deugden: eer, kuisheid, bescheidenheid, zelfopoffering, eerlijkheid, barmhartigheid, mededogen en onvoorwaardelijke liefde. Hoewel dergelijke concepten als "Het Einde van de Geschiedenis" en de "Botsende Beschavingen" populair zijn geworden vanaf de jaren 90, is één feit overeind blijven staan in deze barre tijden; deze begrippen hebben geen enkele geldigheid en zijn niet in staat om oplossingen te leveren. De ervaring heeft ons geleerd dat we gelukzaligheid niet kunnen bouwen op de ellende van anderen. Dit gezegd zijnde, moeten we de weg vinden om deze wonden samen te helen en zo snel mogelijk 'herstellen'. Een manier om dit te doen is om de waarde te begrijpen dat de Koran hecht aan de mensen van het Boek. Vandaag de dag zijn zowel de moslims als de mensen van het Boek verwikkeld in een brede strijd tegen immoraliteiten zoals seksuele perversies of drugsverslaving. Elk van deze drie religies accepteert kuisheid, eerlijkheid en zelfopoffering als de grootste deugden.
De waarden die worden gehecht aan de mensen van het Boek in de Koran Heden zijn alle goede zaken voor jullie halal (wettig) gemaakt. En het voedsel (geslachte dieren) van hen aan wie het Boek is gegeven (joden en christenen) is jullie toegestaan en jullie voedsel is hun toegestaan. Toegestaan om mee te trouwen zijn: de eerbare vrouwen onder de gelovige en de eerbare vrouwen onder degenen die het Boek vóór jullie hebben ontvangen (joden en christenen); indien jullie hen hun bruidsschatten geven, in eerbaarheid handelend. En pleeg geen ontucht en neem hen niet als minnaressen. En wie het geloof verwerpt: zijn werk draagt waarlijk geen vrucht en hij behoort in het hiernamaals tot de verliezers. (Koran, 5:5) Dit vers beschrijft de waarden die moslims geven aan de mensen van het Boek met verschillende belangrijke details. Volgens dit vers is een moslim man toegestaan om met een vrouw van de mensen van het Boek te trouwen. Dit is een belangrijke toestemming, want zoals bevolen in het vers "Zondige vrouwen zijn er voor zondige mannen en zondige mannen zijn er voor zondige vrouwen; en goede vrouwen zijn er voor goede mannen en goede mannen zijn er voor goede vrouwen…" (Koran, 24:26), hebben moslims een verantwoordelijkheid om met goede, reine mensen te trouwen. Dit geeft aan dat joden en christenen ook een goed, rein volk zijn.
Bovendien is er een belangrijk criterium in dit vers. Een moslim die van plan is om een joodse of een christelijke vrouw als zijn vrouw te nemen, noemt haar "lieveling" of "geliefde" om een gezin te stichten met haar, om zijn leven door te brengen met haar en zelfs om het eeuwige leven met haar door te brengen. Dit is de enige persoon met wie hij al zijn problemen en al zijn geluk zal delen. Zij zorgen voor elkaar als ze ziek zijn en vertrouwen elkaar.
Volgens de denkwijze van de fanatici, moet een persoon echter het gevoel van vijandschap ontwikkelen tegenover de vrouw die hij zijn "geliefde" noemt, met wie hij zijn leven deelt en aan wie hij zijn eigen leven toever- In de Koran worden christenen en joden gedefinieerd als de mensen van het Boek en wordt er bevolen om respect, barmhartigheid en vriendelijkheid te tonen aan hen. Zowel christenen als joden geloven in God en delen dezelfde morele waarden als moslims.
trouwt, de moeder van zijn kinderen, en haar vervloekt verklaren alleen maar omdat ze een christen of een jood is. Men zou psychologisch diep gestoord moeten zijn om dat te doen. Dit vers beschrijft de liefde die getoond moet worden aan een jood of christen door een rationele moslim, die de Koran ter harte neemt.
Het vers schenkt ook aandacht aan een speciale goedkeuring voor moslims: de bevoegdheid om het voedsel dat bereid is door de mensen van het Boek te eten. Dit is heel belangrijk. Zoals we weten besteden moslims veel aandacht aan bepaalde verboden bij het bereiden van voedsel; varkensvlees en vlees van een dier dat niet in de naam van God is geslacht, is verboden in de islam. Het feit dat het eten dat door joden en christenen is bereid wettig is, geeft aan dat deze mensen te vertrouwen zijn. Hetzelfde geldt ook voor christenen en joden, het vers maakt het eten dat bereid is door moslims ook wettig voor hen. Het is ook nuttig om hier te verwijzen naar een andere uiting van vriendschap. De mensen van het Boek en de moslims kunnen samen eten onder één dak, elkaars gast zijn, aan dezelfde tafel zitten en elkaars gastheer zijn. Dit is een beschrijving van vriendschap. Wat wordt beschreven is niet een omgeving gebaseerd op haat en moord, maar op liefde, vriendschap en broederschap. Dit is niet het enige vers dat de positie van de mensen van het Boek aantoont. God prijst de mensen van het Boek in veel verzen van de Koran. Gerelateerde verzen zijn onder andere: Onder het volk van Mozes is er een gemeenschap die de weg naar de waarheid wijst, en die rechtvaardig handelt. (Koran, 7:159)
Zij zijn niet allemaal hetzelfde. Onder de mensen van het boek is er een gemeenschap die standvastig is. Zij reciteren de verzen van God gedurende de nacht, terwijl zij zich eerbiedig neerbuigen (knielen). Zij geloven in God en in de Laatste Dag; zij roepen op tot het goede, verbieden het verwerpelijke en concurreren in goede daden. Zij behoren tot de rechtvaardigen. Het goede dat zij doen zal niet onbeloond blijven. God kent de godvrezende. (Koran, 3:113-115) Onder de mensen van het boek zijn er die in God geloven en in wat aan jullie is geopenbaard en in wat aan hen is geopenbaard, en die nederig zijn tegenover God. Zij verkiezen de verzen van God boven een schamele prijs. Zij zullen hun beloning van hun Heer ontvangen. Voorwaar, God is snel met de afrekening. (Koran, 3:199)
Zoals deze verzen verduidelijken, worden pure en oprechte joden en christenen geprezen met mooie woorden in de Koran en wacht hen een mooie beloning van God; God zegt dat Hij deze mensen zal opnemen in het paradijs. Dit is een uitdrukking van Zijn liefde. Hoe kan een moslim de vijand zijn van iemand die God liefheeft en blij is om hem te verwelkomen in het paradijs? Dat is onmogelijk volgens de Koran. Dergelijke vijandschap is een misdrijf volgens de Koran. Daarom zijn de fanatici die valse hadiths als hun leidraad nemen – in plaats van de verzen van de Koran die duidelijk het tegendeel aantonen – bezig met het plegen van een strafbaar feit in de ogen van de islam door het verspreiden van vijandigheid tegenover de mensen van het Boek.
Wat moet worden gedaan is de mensen van het Boek met aangename woorden uit te nodigen tot de islam en vervolgens de beslissing aan hen over te laten.
Moslims nodigen de mensen van het Boek uit tot de "Eenheid van God"
Redetwist niet anders dan op de beste wijze met de mensen van het Boek, behalve met de onrechtplegers onder hen. En zeg:
"Wij geloven in wat aan ons is neergezonden en wat aan jullie was neergezonden; onze God en jullie God is één, en wij onderwerpen ons aan Hem.
Zeg: "Mensen van het boek! Kom tot een uitspraak die voor ons en voor jullie gelijkluidend is:
dat wij niemand anders dan God moeten aanbidden en dat wij niets aan Hem als deelgenoot koppelen en dat wij elkaar niet als heren naast God plaatsen." Als zij zich dan afwenden, zeg dan: "Wees getuige, dat wij trouwe gelovigen zijn"
Deze verzen laten zien dat het de plicht van moslims is om de mensen van het Boek niet te kleineren, hen niet in het nauw te drijven, te haten of ze te doden, zoals sommige verzonnen hadiths suggereren. Ze moeten hen op de meest aangename manier oproepen tot de eenheid van God. Monotheïsme is de fundamentele leer die in alle drie de religies beschreven staat. Moslims kunnen de mensen van het Boek ontmoeten en spreken en het geloof verkondigen en een beroep doen op hen om te geloven in de eenheid van God en alle heilige geschriften die God heeft gezonden. Er bestaat communicatie, prediking en vriendschap tussen hen. Volgens de Koran heeft een moslim een verantwoordelijkheid om vriendelijk met een jood of een christen te spreken wanneer hij een van hen ziet en om hem met zeer vriendelijke woorden uit te nodigen om te geloven in de eenheid van God, in plaats van hem in een hoek te duwen.
De joden genieten het recht in de Koran om te leven in het Heilige Land Omdat sommige moslimgemeenschappen zich niet bewust zijn van de verzen van de Koran en buitengewoon onwetend zijn over de islam, streven zij ernaar om de joden uit het Heilige Land te verwijderen of om de staat Israël van de kaart te vegen. Ze zijn zich niet bewust dat door dit te doen ze in opstand zijn tegen de Koran.
Volgens de Koran hebben de joden het recht in het Heilige Land te wonen. Verzen over dit onderwerp vertellen het volgende:
Herinner toen Mozes tot zijn volk zei:
"O mijn volk, gedenk Gods genade aan jullie, toen Hij Profeten onder jullie had aangewezen en jullie koningen had gegeven, en aan jullie gaf wat Hij aan niet één volk op de wereld gegeven had. Mijn volk! treedt het Heilige Land binnen dat God jullie toegewezen heeft en keer het niet jullie ruggen toe, want anders zullen jullie als verliezers terugkeren".
Moslims willen dat joden, christenen en zijzelf in vrede en tevredenheid leven en elkaar met begrip, vriendschap, respect en mededogen behandelen.
En daarna (na Farao) zeiden Wij tot de kinderen van Israël:
"Bewoon het land en wanneer het belofte van het hiernamaals komt, zullen Wij jullie als een gemengde menigte bijeenbrengen."
Zoals duidelijk te zien is in de verzen van de Koran, staat er zowel in de Thora als in de Koran dat joden in het Heilige Land mogen leven. In wezen is het een goede zaak dat er joden in het Heilige Land leven en dit moet een bron van vreugde zijn voor ware moslims. Het is een buitengewoon goede zaak om een belofte van God van 3000 jaar geleden in vervulling te zien gaan en getuige te zijn van wat was voorspeld door de profeet Abraham (vzmh) en de profeet Mozes (vzmh). God openbaarde duizenden jaren geleden dat "De joden zullen wonen in die landen" en we kunnen dat wonder nu gemanifesteerd zien. Dit is een prachtige situatie om met verve en vreugde te aanschouwen. Het is van groot belang om te vermelden dat God zowel in de Koran als in de Thora een essentiële voorwaarde oplegt aan oprechte gelovigen: "Vrede". Er zullen joden in het Heilige Land zijn, maar er zullen daar ook moslims en christenen zijn en zij zullen met zijn allen zorgen dat er in de hele regio liefde en vrede heerst. Zij zullen in broederschap leven. Er is genoeg ruimte voor iedereen. Niemand zal worden gedwongen om zijn huis af te staan of worden verdreven. Dat zal niet gebeuren. Dit is een religieuze opdracht voor joden, christenen en moslims. God wil altijd vrede voor ons allemaal.
Volgens de Koran moeten kloosters, kerken en synagogen worden gerespecteerd Een ander belangrijk feit dat we uit de Koran leren is dat moslims de joodse en christelijke gebedsplaatsen moeten respecteren. In de Koran worden de gebedsplaatsen van de mensen van het Boek (kloosters, kerken en synagogen) beschreven als gebedsplaatsen die worden beschermd door God.
… als God de mensen niet van elkaar weerhield, waren kloosters, kerken, synagogen en moskeeën, waarin de Naam van God vaak genoemd wordt, zeker verwoest. God zal zeker hen helpen die Hem helpen. Voorwaar, God is Sterk, Almachtig.
Dit vers laat elke moslim het belang zien van het respecteren en beschermen van de heilige plaatsen van de mensen van het Boek. De profeet Mohammed (vzmh) maakte ook contracten met zowel heidenen als met mensen van het Boek. Heidenen werden altijd met rechtvaardigheid behandeld en toen ze vroegen om in bescherming te worden genomen, werden hun verzoeken geaccepteerd door de Profeet (vzmh). Dit betekende dat deze gemeenschappen in het geval van een aanval of een onterechte beschuldiging bescherming zochten bij de boodschapper van God (vzmh). Gedurende zijn leven hebben vele niet-moslims en heidenen bescherming gevraagd aan de Profeet Mohammed (vzmh) en hij nam ze in bescherming om hun veiligheid te kunnen waarborgen. In de Koran adviseert God dat de verzoeken van de heidenen die op zoek zijn naar bescherming door de gelovigen moeten worden aanvaard. Hierover zegt God het volgende:
En als één van de afgodenaanbidders jullie om bescherming vraagt, geef hem dan bescherming; zodat hij het woord van God moge horen en breng hem daarna naar een plaats waar hij veilig is…
Joden en christenen staan, op grond van hun gemeenschappelijke kenmerken die ze met moslims delen, veel dichter bij elkaar dan degenen die niet in God geloven. Elke religie heeft zijn eigen heili-Moskeeën, kerken en synagogen zijn speciale gebedsplaatsen waar de naam van God wordt vereerd. In de Koran zegt God dat al deze heiligdommen moeten worden gerespecteerd en geconserveerd.
ge boek, dat betekent dat ze onderworpen zijn aan een boek dat door God is gezonden. Ze weten volgens hun schriften wat goed en slecht is, wat rechtmatig en onrechtmatig is en vereren ook de profeten en boodschappers die Gods woord verkondigden. Ze geloven allemaal in een hiernamaals, waarin ze tegenover God voor al hun daden verantwoording moeten afleggen. Dus er is een gedeelde basis waarop we ons allemaal kunnen verenigen. De oproep om tot een gemeenschappelijke noemer te komen Met betrekking tot de mensen van het Boek geeft God de moslims een opdracht in de Koran, namelijk de opdracht om tot een gemeenschappelijke noemer te komen.
Zeg: "Mensen van het boek! Kom tot een uitspraak die voor ons en voor jullie gelijkluidend is: dat wij niemand anders dan God moeten aanbidden en dat wij niets aan Hem als deelgenoot koppelen en dat wij elkaar niet als heren naast God plaatsen."… (Koran, 3:64) Dit is onze oproep aan christenen en joden: alle mensen die in God geloven en Zijn openbaringen volgen, laten we tot een gemeenschappelijke noemer komen - "geloof". Laten we God, Die onze Schepper en Heer is liefhebben en Zijn geboden opvolgen. En laten we tot God bidden om ons te leiden naar een rechtvaardiger pad.
Wanneer moslims, christenen en joden op deze wijze op zoek gaan naar een gemeenschappelijke noemer, wanneer ze begrijpen dat ze vrienden zijn en geen vijanden, dan zal de wereld een hele andere plek worden. De oorlogen in vele delen van de wereld, de vijandschappen, de angst en de terreuraanslagen zullen tot een einde komen en een nieuwe civilisatie, die gebaseerd is op liefde, respect en vrede zal gevestigd worden door deze "gemeenschappelijke noemer" zodra er een intellectuele strijd gevoerd zal worden tegen radicale ideeën en ideologieën, die tot de ontkenning van God leiden. Er zijn belangrijke feiten die moslims in overweging moeten nemen. Wat God ons in de Koran leert over verschillende volkeren en geloven is duidelijk: de moraal van de Koran sluit elke vorm van racisme uit.
Het is duidelijk dat sommige joden, die in het verleden leefden en vele fouten hebben gemaakt, bekritiseerd zijn in de Koran. Maar dit alles mag door moslims niet worden gezien als een reden om vijandigheid tegen alle joden te voelen. Het misdrijf dat sommige joden hebben begaan mag niet worden toegeschreven aan het jodendom of het Joodse volk.
Nogmaals, een basisuitgangspunt dat in de Koran is beschreven is om niet te oordelen over mensen alleen maar omdat ze behoren tot een bepaald ras, natie of religie. In elke samenleving zijn er goede en slechte mensen. Deze diversiteit wordt ook vermeld in de Koran. Bijvoorbeeld, meteen na het noemen van de opstandige aard - tegen God en Zijn religie - van sommige mensen onder de joden en christenen is er ook verwijzing naar een uitzondering:
Zij zijn niet allemaal hetzelfde. Onder de mensen van het boek is er een gemeenschap die standvastig is. Zij reciteren de verzen van God gedurende de nacht, terwijl zij zich eerbiedig neerbuigen (knielen). Zij geloven in God en in de Laatste Dag; zij roepen op tot het goede, verbieden het verwerpelijke en concurreren in goede daden. Zij behoren tot de rechtvaardigen. Het goede dat zij doen zal niet onbeloond blijven. God kent de godvrezende.
Het kwaad in de wereld zal tot een einde komen wanneer moslims, christenen en joden allemaal in eenheid en met respect voor hun verschillen God aanbidden.
God openbaarde aan alle boodschappers dat Hij uniek is en dat er niet één aan Hem gelijk is en er maar één is die de mensen moeten aanbidden, dienen en gehoorzamen. Sinds de schepping van de mens heeft God door middel van Zijn boodschappers de Goddelijke boodschap aan de mensen overgedragen. Sommige gemeenschappen hebben de boodschap geaccepteerd en volgen het juiste pad, terwijl anderen het hebben ontkend en zijn afgedwaald. Dit geldt tot aan vandaag de dag. Sommige mensen zijn voorstander van wat goed en rechtvaardig is, terwijl anderen de zijde van het onrecht en verderf hebben gekozen. Dit is de wet van God. Degenen die geloven moeten die dingen ook op zo'n perspectief beschouwen en nooit vergeten dat er tussen de aanhangers van alle religies zowel oprechte, godvrezende mensen zijn, als mensen die volkomen van de religieuze en morele leer vervreemd zijn.
Onze hoop is dat er een wereld gevestigd zal worden waarin mensen in staat zullen zijn om in vrede met elkaar te leven, ongeacht hun ras of religie. Elke racistische verdorvenheid zal hierin worden verworpen, ieders rechten zullen worden beschermd en iedereen zal worden gerespecteerd. De strijd die zal moeten plaatsvinden op intellectuele gronden tegen radicalisme en antireligieuze ideologieën zal hopelijk de vrede brengen waarnaar lang wordt verlangd. God zegt het volgende hierover:
Degenen die ongelovig zijn, zijn elkaars bondgenoten. Als jullie dat niet doen (elkaar steunen en beschermen), dan zal er chaos en een groot verderf op aarde ontstaan.
Moesten er niet meer mensen zijn met deugdzaamheid, met uitzondering van enkelen van hen die Wij hebben gered onder de generaties vóór jullie, die corruptie op aarde weerhielden?...
Waarom zouden de moslims en de mensen van het Boek samen moeten werken?
Een ander belangrijk feit dat het christendom, jodendom en de islam samenbrengt en hen dwingt om gezamenlijk op te treden, is de sterke invloed die de atheïstische filosofieën vandaag de dag hebben. Er is ook de schade die veroorzaakt is door verschillende radicale denkbeelden die later een deel werden van de drie goddelijke religies. Tot de bekendste en de schadelijkste filosofieën van onze tijd kunnen het materialisme, het communisme, het fascisme, het anarchisme, het racisme, het nihilisme en het existentialisme gerekend worden. Veel mensen die geloven in de valse diagnoses, de misleidende beschrijvingen en de verklaringen die deze ideologieën met betrekking tot het universum, de samenleving en de mens aanvoeren, hebben hun geloof verloren of trekken het in twijfel. Bovendien hebben deze ideologieën mensen, samenlevingen en naties meegesleurd in grote crisis, conflicten en oorlogen. Hun aandeel aan de schuld van het lijden en ellende, dat de mensheid tot aan vandaag plaagt, is immens. Terwijl ze God en de schepping ontkennen, zijn alle bovengenoemde ideologieën gebaseerd op een zogenoemde wetenschappelijke grondslag: Charles Darwins evolutietheorie. Het darwinisme vormt de basis van de atheïstische filosofieën. Deze theorie beweert, zonder enige wetenschappelijke grondslag, dat levende wezens zich geëvolueerd hebben als gevolg van toevalligheden en middels een strijd om het bestaan. Het darwinisme zendt daarom deze misleidende boodschap aan de mensen:
"Je hoeft geen verantwoording af te leggen aan niemand, je hebt je leven te danken aan toevalligheden, je moet strijden en indien noodzakelijk anderen onderdrukken om succesvol te zijn. Deze wereld is een toneel van conflicten en eigenbelang."
De sociale boodschappen die overgebracht worden door darwinistische concepten zoals "natuurlijke selectie", "strijd om het bestaan", "het overleven van de sterkste" zijn middelen voor een gevaarlijke indoctrinatie. Deze slechte moraal adviseert mensen om egoïstisch, zelfzuchtig, wreed en tiranniek te zijn. Het verwoest deugden zoals genade, mededogen, opofferingsgezindheid en bescheidenheid, de morele deugden van de drie grote monotheïstische religies en presenteert dit als een noodzaak van "de regels van het leven."
Deze darwinistische indoctrinatie is het tegenovergestelde van het geloof van de mensen van het Boek en de moraal van de Koran. Als gevolg hiervan vormt de darwinistische indoctrinatie de stichting van een wereld die tegengesteld is aan de drie goddelijk geopenbaarde religies.
Onder deze condities is het voor de mensen van het Boek en de moslims noodzakelijk geworden om samen te werken, aangezien zij in God geloven en de moraal accepteren die Hij ons leert. De volgelingen van deze drie religies zouden de drogredenen van het darwinisme, dat geen wetenschappelijke basis heeft en de materialistische filosofie staande probeert te houden, aan de wereld moeten tentoonstellen. Ze zouden moeten samenwerken om een intellectuele strijd aan te gaan tegen alle misleidende ideeën (communisme, fascisme, racisme) die het atheïsme dienen. Ze moeten inspanningen verrichten om uit te leggen dat radicale ideeën, die later een onderdeel van elke religie zijn gemaakt, verkeerd zijn en in de plaats daarvan de waarheid vertellen.
Als dit eenmaal is gerealiseerd, zal de wereld in een korte tijd vrede, veiligheid en rechtvaardigheid omarmen.
De wreedheid van antisemitisme moet worden gestopt Onze wereld heeft haar eerlijke aandeel van wreedheid gezien Van Hulagu Khan, die pochte over het doden van 200.000 moslims tijdens zijn gewelddadige week van uitzinnigheid in de stad Bagdad, wat ook resulteerde in de volledige vernietiging van het eeuwenoude erfgoed, tot aan de Vikingen die met geweld namen wat zij wenselijk achtten, en het Syrische regime van vandaag de dag dat zijn eigen volk aanvalt, kunnen we zeggen dat onze wereld een aantal onuitsprekelijke gewelddadigheden heeft meegemaakt en nog steeds meemaakt in plaatsen als Oost-Turkestan, Kasjmir en Irak en nog vele anderen.
Door de geschiedenis heen werden sommige groepen echter meer dan anderen aangevallen. Net zoals het Joodse volk: hun beproeving begon in de tijd van de farao's, die hun jongens doodden en alleen de meisjes lieten leven. De onderdrukking tegen de joden duurde gedurende de oudheid voort, onder de leiding van de Assyriërs, Babylon en de Romeinen, die joden afslachtten en verbanden en hun tempels en steden vernietigden. In de middeleeuwen werden de joden wederom aangevallen, bestempeld, gediscrimineerd en verjaagd van waar ze beschutting zochten. De onderdrukking duurde voort, ook in de recente geschiedenis, toen zes miljoen joden door de nazi's werden afgeslacht. Vandaag de dag gaat de vervolging nog steeds door.
Antisemitisme in Europa blijft voortduren in de vorm van intimidatie in openbare ruimten, beledigende opmerkingen en discriminerend gedrag in het sociale leven en meer angstaanjagend, in de vorm van brutale aanvallen; de vernieling en de plundering van Joodse bedrijven, het uitbranden van auto's, het scanderen van "alle joden aan het gas", "de dood aan de joden", in gewelddadige protesten, schietpartijen en brand-bomaanslagen tegen synagogen en de recente aanslag in Créteil in Frankrijk waar een Joodse echtpaar brutaal werd aangevallen in hun huis. Dat incident was een verschrikkelijke herinnering aan het incident in 2006 - weer in Frankrijk - waarbij een jonge Joodse man gevangen werd genomen, weken werd gemarteld en vervolgens naakt werd achtergelaten om te sterven.
Frankrijk is niet de enige plaats waar antisemitisme plaatsvindt. Van Argentinië tot Tunesië, van Ierland tot Spanje, joden lijken te worden gevangen in een constante cyclus van haat die gericht is tegen hun gemeenschappen. Zelfs in de VS, die bekend staat om zijn niet aflatende steun aan Israël, moeten Joodse mensen op hun hoede zijn voor het onthullen van hun identiteit of het beoefenen van hun religieuze plichten in het openbaar. Een ongerechtvaardigde aanval op een 24-jarige Joodse man met een keppel door vier mannen in Brooklyn, New York; de aanval op een 12-jarig Joodse meisje, dat een fles op haar gegooid kreeg door een groep meisjes, waarbij één schreeuwde "jij vuile jood” en de aanslag op een Joodse man in Los Angeles, Californië, die omringd werd door vijf mannelijke verdachten die “Heil Hitler!” riepen voordat ze hem sloegen, kunnen verontrustende recente incidenten in de Verenigde Staten worden genoemd.
De vervolging van de joden door de geschiedenis heen was eigenlijk een gevolg van racistische vooroordelen, die zeker in strijd zijn met de islam. Geen moslim zou onrechtvaardige of een wrede behandeling van onschuldige joodse mensen en kinderen door de vingers zien.
Het Midden-Oosten is echter de thuisbasis van de ergste gevallen van antisemitisme. Vooral na de recente oorlog in Gaza is haat jegens het Joodse volk, ongeacht leeftijd, geslacht of betrokkenheid bij het conflict, in een verontrustend snel tempo gestegen. Maar waarom schijnen sommige mensen te denken dat het legitiem is om joden te haten? In het verleden zagen sommige mensen, als gevolg van wijdverspreide antisemitische propaganda, zoals de Protocollen van de Wijzen van Zion, joden als achterbakse samenzweerders die zichzelf afkeren van de maatschappij waarin zij leven. Het sentiment werd verder aangewakkerd met beruchte leugens zoals het bloedsprookje, waarbij joden werden geportretteerd als de ware belichaming van het kwaad. Vandaag de dag is het conflict tussen Israël en de Palestijnen de drijvende kracht achter deze alomtegenwoordige haat, en wordt vaak gebruikt als een dekmantel om geweld tegen gewone joden op straat te rechtvaardigen. Regeringen of individuen binnen een gemeenschap kunnen fouten maken. De vervolging echter van een hele gemeenschap op basis van de daden van enkele individuen is noch moreel, noch volgens de Koran. Het Joodse volk staat bekend om hun rustige en bescheiden houding. Het zijn rustige mensen die zich graag bezighouden met hun dagelijkse routine en religieuze praktijken. Daarom is het nog schokkender dat zulke rustige en gereserveerde mensen slachtoffer zijn geweest van dergelijke vervolging in de geschiedenis.
Elke onenigheid over het beleid van de Israëlische regering moet worden geuit op een civiele manier, zonder dat de schuld wordt neergelegd bij een hele gemeenschap. God verbiedt moslims dergelijk gedrag. In de Koran waarschuwt God gelovigen als zodanig:
O jullie die geloven, wees oprecht voor God en getuig met rechtvaardigheid. En laat de vijandigheid van een volk jullie niet aansporen om onrechtvaardig te handelen. Wees rechtvaardig, dat is dichter bij Godvruchtigheid (taqwa). En vrees God. Voorzeker, God is op de hoogte van al hetgeen jullie doen.
Natuurlijk zijn er goede en slechte mensen in elke groep, samenleving of natie. Net zoals er talloze moordenaars, leugenaars en criminelen in moslimgemeenschappen zijn, is het ook natuurlijk dat Joodse gemeenschappen mensen hebben van wie de acties minder lofwaardig te noemen zijn. Toch is het absurd en volslagen belachelijk om antipathie te voelen in de richting van een groep in zijn geheel voor de daden van slechts enkele individuen. Belangrijker nog, het is tegengesteld aan de leer van de Koran.
Volgens de Koran zijn joden mensen van het Boek en dienen ze te worden gerespecteerd, beschermd en te worden benaderd met liefde. God prijst de joden in vele verzen voor hun toewijding en vroomheid en inderdaad, het Joodse volk dient als een groot voorbeeld voor de moslims met hun onwrikbare loyaliteit aan de profeet Mozes.
Al deze feiten maken duidelijk dat er geen basis is, hetzij in de islam of in het jodendom, dat kan leiden tot dergelijke vijandigheid. Als iedereen zich realiseert dat God deze wereld met liefde heeft geschapen, dat vijandige gevoelens naar elkaar tegen Gods wens is, zal broederschap en vrede zegevieren.
De relatie van onze Profeet (vzmh) met de mensen van het Boek • Er zijn verklaringen dat onze Profeet (vzmh) bruiloftsfeesten bijwoonde van de mensen van het Boek, hen bezocht wanneer ze ziek waren en hen geschenken gaf.
• Toen de christenen van Najran hem bezochten, legde de profeet Mohammed (vzmh) zijn mantel op de grond voor hen om op te zitten en verwelkomde hen op die manier.
• Een van de vrouwen van onze Profeet (vzmh) was Marya bint Sham'ûn (ook bekend als Maryam al-Qubtiyyah), een Koptische christen uit Egypte.
• Onze moeder Safiyya bint Huyayy, een van de vrouwen van de Profeet (vzmh), was de dochter van de leider van de Joodse stam Banu Nadir van Medina, Huyayy ibn Akhtab.
• De profeet Mohammed (vzmh) liet de joden een partij worden bij het Verdrag van Medina, ondertekend door de clans van de Aws en Khazraj, waardoor hij voor het voortbestaan van de joden als een aparte religieuze groep onder de moslims zorgde.
• Onder het artikel "De joden van Banu Awf zijn een gemeenschap, samen met de gelovigen. Aan de joden hun religie en aan de moslims hun eigen religie" van het verdrag van Medina, werd de basis gelegd van het respect dat moslims hebben voor de tradities en overtuigingen van de joden in de tijd van onze Profeet (vzmh). In de artikelen 26-33 van hetzelfde verdrag staat dat de leden van de mensen van het Boek dezelfde rechten hebben als de moslims, terwijl artikel 16 bepaalt dat hen geen onrecht wordt aangedaan.
• In het jaar 630 legde onze Profeet (vzmh) de volgende opdracht op aan de gezanten van de koning van Himyar, die naar Medina kwamen om aan te kondigen dat zij moslim waren geworden: "Als een jood of christen een moslim wordt, wordt hij gelijk aan de gelovigen en geniet hij dezelfde wettelijke rechten als moslims. Wie jood of christen wil blijven, zal niet worden lastig gevallen." (Ibn Hisham, als-Seera, II, 586) • De christenen van Najran stuurden een delegatie van 60 leden naar Medina. Toen de delegatie was aangekomen in Medina hadden ze een ontmoeting met onze Profeet (vzmh) en wanneer de tijd voor het gebed kwam hadden ze de wens om de moskee te bezoeken. De mensen maakten hier bezwaar tegen, maar de Profeet (vzmh) maakte de moskee voor hen beschikbaar. Ze draaiden zich om naar het Oosten en baden. (Ibn Hisham, als-Seera, Beiroet, I, 573-574; Hamidullah, de profeet van de islam, I, 619-620)
• De rechten van de mensen van het Boek werden in de tijd van de Profeet (vzmh) beschermd onder verdragen die werden gemaakt met joden en christenen. Wanneer er later een meningsverschil ontstond, zouden de mensen van het Boek wijzen op deze verdragen. Toen de christenen van Damishq bijvoorbeeld een probleem hadden, toonden ze hun verdrag aan Hazrat Omar, de kalief van die tijd en verzochten hem om een oplossing. Dit is een bekend feit dat te zien is in geschiedenisboeken.
• De tekst van een verbond tussen onze Profeet (vzmh) en de christelijke Ibn Harith ibn Ka’b en zijn volk bevat de volgende passages “Aan Sayyid Ibn Harith ibn Ka’b, zijn geloofsgenoten en al degenen die de christelijke godsdienst belijden, of ze nu in Oost of West, in dichtbevolkte regio’s of in afgelegen gebieden leven, ze Arabier of buitenlander, bekende of onbekende zijn... Ik beloof om hen te ondersteunen, om hun mensen te beschermen, evenals hun kerken, kapellen, oratoria, de kloosters van de monniken en de woningen van de kluizenaars, waar ze ook moge zijn, of het nu in de bergen of de valleien, grotten of bewoonde gebieden is, of op de vlakten of in de woestijn. Ik zal hun religie en hun kerk, waar ze ook worden gevonden, met de grootst mogelijke waakzaamheid van mijn kant, samen met de mensen van mijn huis en de moslims als geheel, beschermen; of dit nu op aarde is of op zee, in het Westen of in het Oosten. ... Geen christen zal met geweld worden bekeerd tot moslim: Redetwist niet anders dan op de beste wijze met de mensen van het Boek (29:46). Zij moeten worden beschermd met de vleugel van barmhartigheid en worden afgesloten van elke schade die ze kan bereiken, ongeacht in welk land zij zich bevinden.
• De voorrechten gegeven door onze Profeet (vzmh) aan de mensen van het Boek van Adruh, Makna, Khaybar, Najran en Aqaba laat ook zien dat de levens en eigendommen van de mensen van het Boek beschermd werden door moslims en dat ze hun vrijheid van geloof en aanbidding erkenden.
• Wanneer onze Profeet (vzmh) begon te prediken werd hij voor het eerst geconfronteerd met een aantal christenen in Mekka. En inderdaad, een van de eerste mensen die in de eerste dagen van de openbaring sprak met onze Profeet (vzmh) en Hazrat Khadija was Waraqa bin Naufal, een christen met handgeschreven kopieën van het Evangelie. (Sahih Bukhari) • Kerken die werden vernietigd in de tijd van de kaliefen werden gerestaureerd door moslims en er werd toestemming gegeven voor de bouw van nieuwe synagogen en kerken. Het klooster van St. Sergios bijvoorbeeld dat verbrand werd door de patriarch Mar Amme werd herbouwd in de tijd van Hazrat Uthman. • Moslims gebruikten de kerk van St. John in Damascus na de verovering van Syrië voor het uitvoeren van het vrijdaggebed. Christenen voerden hun eigen religieuze plechtigheden uit op zondag. Leden van beide religies gebruikten dezelfde plaats in vrede voor aanbidding.
De handelingen van onze Profeet (vzmh)
inzake de Thora en het Evangelie Verteld door Abu Huraira: de mensen van het Boek lazen de Thora in het Hebreeuws en legden het daarna uit in het Arabisch aan de moslims. (Sahih Bukhari, Boek 92, Hadith 460)
Al-Hafiz al-Zahabi vertelde dat Abdullah ibn Salam, een bekeerling tot de islam uit het jodendom, naar de Profeet (vzmh) kwam en zei: "ik heb afgelopen avond uit de Koran en uit de Thora gelezen." Hij antwoordde "Lees de ene avond de een en de andere avond de andere." (al-Thalabi, Al-Iman al-Thalabi Tathkarar al-Huffadh, Vol. 1, p. 27)
Abdullah ibn Amr, een van de nauwe metgezellen van de Profeet (vzmh), zou vaak de Thora lezen. Op een nacht droomde hij dat hij in de ene hand olie vasthield en in de andere hand honing en dat hij soms van de ene hand at en soms van de andere. Abdullah ibn Amr beschreef zijn droom aan de Profeet (vzmh). De Profeet (vzmh) interpreteerde zijn droom als de betekenis van de twee boeken en zei dat hij soms het ene moest lezen en soms het andere.
(Sahih Bukhari, Vol. 6, Hadith 987, blz. 439)
Van Abu Sa'id al-Khudri: we vroegen de Profeet (vzmh):
"O, boodschapper van God! Kunnen we ons verhouden tot de kinderen van Israël?" Hij zei: "Ja, je kunt betrekkingen onderhouden met de kinderen van Israël. Dat is geen probleem. Weet, dat als je betrekkingen onderhoudt je interessantere informatie kunt krijgen." (Musnad van ibn Hanbal, 111/12, Hadith 11034)
Onze Profeet (vzmh) gaf altijd de voorkeur aan vrede Onze Profeet (vzmh) heeft nooit oorlog gewenst en door de jaren heen heeft hij grote inspanningen geleverd om de islam met vreedzame middelen te verspreiden. Hij was geduldig zelfs bij ernstige aanvallen en onder druk. Alleen wanneer de druk onhandelbaar werd was het noodzakelijk dat hij toestemming gaf voor oorlog, in het licht van een openbaring van God. Hij heeft nooit de oorlog verklaard zolang er nog de geringste mogelijkheid op vrede was en zolang aanvallen en de druk van een vijand geen levensgevaar vertegenwoordigden.
Tijdens het leven van onze Profeet (vzmh) was de slag van Mu’tah de bloedigste en de moeilijkste oorlog ooit gevoerd door de moslims. Hij benoemde Zayd ibn Harithah als commandant om het leger aan te voeren en waarschuwde de troepen:
“Voer oorlog in de naam van God, op het pad van God, tegen degenen die God ontkennen. Pleeg geen verraad. Snijd geen oren en neuzen en andere delen van het lichaam af. Dood geen vrouwen, kinderen, ouderen en gelovige mensen in hun plaatsen van aanbidding. Kap geen dadel- en andere bomen en vernietig geen gebouwen.” (Bukhari)
Gebaseerd op de profetische bevelen over oorlog zijn er de volgende principes geschetst door islamitische geleerden, die ‘De islamitische principes van oorlog’ kunnen worden genoemd:
- Oorlog wordt alleen gevoerd tegen diegenen die het aanmoedigen en die hieraan deelnemen. 2. Priesters in kerken, kinderen, vrouwen en ouderen mogen niet worden geschaad.
- Gezaaide velden mogen niet worden beschadigd.
- Verdragen en afspraken mogen niet worden geschonden.
- Dieren mogen niet worden pijn gedaan.
- Er mag geen wreedheid en marteling plaatsvinden.
- Steden mogen niet worden vernietigd.
(Ahmet Hamdi Akseki, Abdurrahman Azzam Pasa’nin “Allah’in Peygamberlerine emanet ettigi ebedi risalet”, Diyanet İşleri Başkanlığı Nesriyat, Ankara, 1948) Een van de redenen waarom de tijd van de Profeet (vzmh)
werd gezegend met vrede en veiligheid was door zijn positie van gerechtigheid, dat in lijn was met de moraal van de Koran.
Buitenlandse schrijvers zijn ook onder de indruk van zijn superieure karakter en vol lof over de moraal van onze Profeet (vzmh) in hun werk.
In zijn boek, The Genuine Islam (De echte islam) beschreef George Bernard Shaw deze superieure eigenschappen:
“Ik heb altijd omwille van zijn prachtige vitaliteit de religie van Mohammed hoog ingeschat. Het is voor mij de enige religie die over een assimilerende capaciteit aan een veranderende fase van het bestaan beschikt en die zelfs aantrekkelijk is op elke leeftijd. Ik heb hem bestudeerd... hij moet de Verlosser van de mensheid worden genoemd. Ik geloof dat als een man als hij zou kunnen regeren in de moderne wereld, hij zou slagen in het oplossen van problemen op een manier die de broodnodige rust en geluk zou brengen...” (Sir George Bernard Shaw in 'The Genuine Islam,' 1936, http://www.geocities.com/Athens/Forum/9192/ mainquote2.html#shaw)
Ook in onze tijd is het naleven van de moraal van de Koran, gezuiverd van onverdraagzaamheid, het enige antwoord op alle conflicten, gevechten en instabiliteit in de wereld. Zoals onze Profeet (vzmh), moeten we het pad van gerechtigheid nooit verlaten en altijd de rechten van de verschillende samenlevingen en individuen, ongeacht hun geloof en identiteit, kunnen respecteren. .
Onze Profeet (vzmh) maakte vele afspraken met de mensen van het Boek Verschillende afspraken gemaakt ten tijde van onze Profeet (vzmh) verleende de joodse en christelijke gemeenschappen bepaalde voorrechten die hun rechten en hun bestaan garandeerde. De privileges aan de monniken van het Sint-Catharinaklooster in Sinaï zijn hier voorbeelden van. Deze documenten garandeerden de juridische, religieuze en sociale rechten van de joden en de christenen die onder islamitische heerschappij kwamen en de soevereiniteit van de islam erkenden. Problemen werden opgelost door te verwijzen naar deze documenten. De geschiedenisboeken vermelden bijvoorbeeld dat de christenen in Damascus deze documenten, waarin hun rechten waren opgenomen, presenteerden aan kalief Omar toen ze werden geconfronteerd met een probleem en hem dienovereenkomstig vroegen om het probleem op te lossen.
O jullie die geloven, betreedt allen de volledige vrede (islam) en volgt niet de voetstappen van de satan.
Hij is voor jullie een duidelijke vijand.